13 juni 2009, de 18e VMTC-Motary.

 

Deze jaarlijkse motortoertocht is altijd ten bate van een goed doel en dit jaar is dat een sloppenwijk in de dominicaanse Republiek.

 

Vorig jaar had ik deze rit voor ‘t eerst meegereden en het was me goed bevallen. Vandaar dat ik me in februari via de site van VMTC.nl weer had aangemeld voor deze rit van ± 450 km lang. Het mooie is ook dat bij het inschrijfgeld eten en drinken inbegrepen is.

 

Qua weer hadden we (Ruben, Els, Karin, Jan v. L. en Jeanette, en ondergetekende) het niet beter kunnen treffen. Zowel de Vrijdag ervoor als de Zondag erna waren behoorlijk bewolkt en winderig. Deze 13e juni daarentegen was de gehele dag stralend zonnig met heerlijke temperaturen.

 

Zo’n dag begint natuurlijk wel vroeg. We hadden om ± 7 uur op ‘t Fontanusplein in Putten afgesproken. De start is pas om half 9, maar als je niet redelijk vooraan staat zit je midden in het gedrang van een paar honderd motoren die zich op het plein verzameld hebben.

En om als groepje bij elkaar te blijven en toch makkelijk weg te kunnen rijden moet je wel vroeg aanwezig zijn. En de tijd is zo voorbij met ontbijten, routerol in elkaar plakken, mensen kijken, beetje babbelen, fototje maken, nog even urineren en ‘t is al half 9. Er reden nog 2 figuren met ons mee. Een ouwe knakker uit 1928 op een Aprilia Atlantic 500, en een baardmans uit Stroe op een Kawasaki Versys 650. Aldus reden we met 8 personen, 6 motoren en een scootert.

 

De eerste kilometers zijn altijd druk. Je vertrekt immers met een paar honderd motoren achter elkaar aan en er zijn altijd scheurneuzen die geen oog voor ‘t natuurschoon hebben en zo snel mogelijk de etappes af willen leggen.

 

De eerste etappe gaat de Gelderse Vallei in. Mooie

stuurweggetjes naar de brug bij Rhenen. Door de Betuwe en de Bommelerwaard naar Waalwijk. Net iets meer dan 100 km. In Waalwijk is de eerste stop bij de plaatselijke Mercedes-dealer die voor de gelegenheid de werkplaats omgetoverd heeft tot een soort kantine. Koffie met cake. Op de 1e etage staan mooie old-timers, en voor een jonge 2e-hands Mercedes ben je hier ook aan het goede adres want zonder inruil kost een Mercedes van bijna 60.000 euro nog maar iets meer dan 50.000 euro. Uiteraard wel voorzien van alle mogelijke opties.

Omdat de toiletten erg druk waren maar even achterin die Mercedes gaan zitten……..en een optie uitgeprobeerd.

We rijden hartje Brabant in en via een mooi stuk route met vele boerenweggetjes gaat het richting Sprang-Kapelle. We passeren later vliegbasis Gilze-Rijen waar we helaas geen laag overscherende vliegtuigen zien. Via Galder gaat het naar Breda waar we lunchen op het terrein van de Koninklijke Militaire Academie…we zitten zelfs in de Officiers-Mess. Dit is een prachtige oude kazerne tegen het centrum van Breda aan. Schitterende gebouwen met ornamenten, de eetzaal vol met koepelgewelven en pilaren…en dat allemaal van onze centen onderhouden. Hier worden de magen gevuld met nassi of witte rijst, en wel hele dikke sate met satésaus, lekker gekookt eitje erbij, zuur en kroepoek. Kortom, een maaltijd in de traditie van het nederlandse leger. En het is allemaal nog goed te kanen ook!!!

 

Vervolgens ging het verder richting West-Brabant, waar de bieten tot suiker verwerkt worden. Via Dinteloord (waar iedereen wel de suiker van in de kast heeft staan) naar Oudenbosch waar we langs de bekende basiliek kwamen…u weet wel, waar Fransie getrouwd is…

Deze basiliek is gebouwd naar het voorbeeld van de St. Pieter in Rome, en ik moet zeggen…als je door Oudenbosch rijdt en ineens doemt daar dat gigantische, rijk gedecoreerde gebouw op, dat is wel indrukwekkend.

 

We rijden door via St. Philipsland naar de Philipsdam. En dit is alweer Zuid-Holland. Daar is een ijsstop ingelast bij de Krammersluizen. Met deze warmte glijd het cornetto-tje er wel in. Jan en Jeanette beklimmen de uitzichttoren en zien een fantastisch uitzicht. Ik geloof het wel, en zie later de foto’s wel. De Krammersluizen zijn trouwens uniek in Europa omdat hier bij het schutten zout water (oosterschelde) en zoet water (Volkerak) gescheiden wordt. Maar dat zal voor jullie, aandachtige lezers geen verrassing zijn, dat heb je immers ooit bij de aardrijkskunde-lessen geleerd.

Volgens de routebeschrijving kunnen we het beste 2 euro bij de hand houden want we gaan zo door de Killtunnel, en dan dient tol betaald te worden!! Zijn we ineens in de middeleeuwen beland of zo?? Wat een achterhaald gedoe…waar betaal ik mijn wegenbelasting voor??

 

Vervolgens komt het dijken-deel van de route. Kinderdijk met het prachtige panorama met tientallen molens, vervolgens ligt er ineen een giga-schip tegen een dorpje aan, en we rijden praktisch de gehele Lekdijk af. Een nadeel van een dijk is wel dat het soms wat smalletjes is. En inhalende motorrijders moeten soms even wachten totdat de scooter-opa in ons gezelschap ze in de gaten heeft. Hij is namelijk redelijk gefixeerd op Jan, en heeft weinig tijd om in z’n spiegels te kijken. Natuurlijk heeft hij ook geen JvS-reflex die de meeste toer-leden van de BMC wel hebben.

Ik zie jullie denken….JvS-reflex????

Dat is een reflex die regelt dat je voor- en tijdens het nemen van bochten automatisch in je spiegels kijkt omdat

je nooit weet of Jan van Sloten binnendoor of buitenom komt……

Maar verder absoluut ar-ie-es-pie-ie-sie-tie voor deze man van 81 jaar die verder geen moeite heeft om bij te blijven.

 

De volgende stop is in Groot-Ammers alwaar we Route 66 in eerste instantie missen omdat het bord er gewoon niet staat. Op goed geluk en een beetje Garmin-mazzel gaan we een weggetje in en daar staat wel het zo gezochte fietsroutebord. Eén van de weinige missertjes in de route.

Bij van Mourik wegenbouwers is de thee warm, en komt ook het olijke duo Steenland/Hogenbirk er gelukkig weer aan. Die zijn waarschijnlijk zo gewend om samen een leuke route te zoeken dat ze het af en toe gewoon niet kunnnen laten.

De warme thee is gelukkig koude drank met stroopwafels.

Het spreekwoord ‘de laatste loodjes wegen het zwaarst’ is ook vandaag absoluut weer van toepassing. De concentratie is er een beetje af en wanneer we voorsorteren voor links af terwijl er rechtdoor gereden moet worden weten we dat het einde maar snel moet komen. En dat einde is dan uiteindelijk bij Arjan Brouwer Trading in Putten. En het is ondertussen ook 20.30 uur. Klokje rond aan het toeren geweest dus. De uitsmijter met een alcohol-vrije Bitburger gaat er lekker in en ik besluit om snel te vertrekken. Nog even de onderweg door Boezerooy gemaakte foto opzoeken uit de stapel ‘blauwe voorspatborden’. Maar ik zit er niet bij.

Nog een keer en nog een keer de stapel doorbladeren…nee, echt niet.

Dan maar de rooie voorspatborden proberen. Wel Karin, Ruben en Els, maar ik niet….

Misschien hebben ze blauw met zwart verward, en ja hoor…daar ben ik dan eindelijk…hangend in de bocht en zwaaien…en met een…zwart voorspatbord(!?!?!)

Ik versier nog Rubens kuip met het gekregen gele hesje, past goed bij z’n jas, en zwengel voor de laatste etappe vandaag de XJR aan. Bij Harderwijk de snelweg op, en ik merk aan m’n stalen ros dat ‘ie even los wil en geef ‘m dus maar de ruimte…

Het gemiddelde verbruik tijdens de tocht van 1 liter op 19,6 km wordt deze laatste 40 snelweg kilometers helaas niet gehaald….maar wat is het lekker om met een kwartiertje thuis te zijn.

 

Ik heb me prima vermaakt en wil uiteraard onze gids in barre tijden

Jan ‘garmin’ van Lambalgen hartelijk danken voor de gewezen wegen. Vooral als ‘ie weer eens links ging en wij rechts, we vervolgens langzaam verder rijden, wachtend op het oranje gevaarte, en we er dan achter komend dat ‘ie al voor ons rijdt…

Ook de rest van de BMC toer-crew bedankt voor deze mooie dag…..volgend jaar weer??

 

Groetjes,   Onno.

 

p.s. Zaterdag 6 juni j.l. reden we het ‘Baarns Kleintje’ en had Ruben zijn nichtje achterop. Ik had meteen al het idee dat het een meisje was met gevoel voor styling, kleur en mooie dingen en dat bleek ook wel.

Ze vertelde bij thuiskomst dat er eigenlijk maar èèn mooie motor in het groepje meegereden had.

En terwijl Ruben haar hoopvol aankeek zei ze: ‘Die blauwe vond ik erg mooi. Die achter je reed, Ruben.’

 

Dus als ze nog eens achterop wil bij een echte mooie motor…